Facebook Twitter

Historische gebouwen

Helaas zijn er door de expansiezucht van de laatste decennia op Bonaire veel historische gebouwen verwaarloosd of afgebroken. Bij de totstandkoming van de vele hotels en andere faciliteiten voor de toeristen is links en rechts wel wat van het historische erfgoed van het Caribische eiland verloren gegaan.

Maar niet alles is al voor de eeuwigheid verdwenen. Het oudste gebouw van Bonaire, Fort Oranje uit 1639, staat nog fier overeind. Daarnaast zijn er nog meer monumentale en koloniale panden te bezichtigen en te bezoeken.

Fort Oranje

Gelukkig komt er op Bonaire een steeds beter monumentenbeleid om de fraaie objecten die volgens de West-Indische bouwstijl zijn opgetrokken te restaureren en in goede staat te bewaren voor de komende generaties.

  sinds adres
Fort Oranje 1639 Kaya Charles E.B. Hellmund, Kralendijk
Mangazina di Rei  1824 Kaya Rincon z/n, Rincon
Gezaghebbershuis 1837 Kaya Charles E.B. Hellmund, Kralendijk
Sint Fransiscus Klooster 1856 Kralendijk
Douanekantoor Slagbaai 1868 Washington Slagbaai National Park
Slachthuis Slagbaai 1868 Washington Slagbaai National Park
Opzichtershuis Slagbaai 1868 Washington Slagbaai National Park
Zoutmagazijn Slagbaai 1868 Washington Slagbaai National Park
Pasangrahan 1890 Plaza Willhelmina, Kralendijk
Oude ziekenhuis 1922 Kralendijk
Douanekantoor Kralendijk 1925 Plaza Willhelmina 3, Kalendijk
Plasa Machi Mimi 1935 Kaya J.N.E. Craane, Kralendijk
Postkantoor 1974 Plaza Wilhelmina 11, Kralendijk
Kapel bij het oude ziekenhuis 1974 Kralendijk


Fort Oranje

Fort Oranje (forti) is het eerste stenen bouwwerk dat op Bonaire werd opgetrokken en dateert uit 1639. Fort Oranje is vernoemd naar het Nederlandse koningshuis en is daarmee een van de tien forten die wereldwijd naar het huis van Oranje werd vernoemd. Zo draagt het fort op Sint Eustatius ook deze naam.

Fort Oranje Bonaire

Het fort wordt omzoomd door 4 meter hoge muren en is uitgerust met vier kanonnen. Dit wapentuig is door Hollanders aangebracht op een platform achter de fortmuren om het vestingwerk beter uit te rusten tegen vijandelijke mogendheden. Echter er zijn nooit kruitdampen opgetrokken uit Fort Oranje; de kanonnen hebben immer gezwegen.

Ze zwegen ook toen de Engelsen Bonaire bezetten tussen 1804 en 1816. Tijdens de Engelse tijd werden de kanonnen vervangen door nieuwe kanonnen en werden de oude kanonnen ingezet als meerpalen. Ook de nieuwe kanonnen – die tot op de dag van vandaag het fort opsieren – zijn nimmer ingezet, behalve voor saluutschoten.

Kanonnen Fort Oranje

Het fort kreeg in 1886 een houten vuurtoren. In 1932 werd deze vervangen door de huidige tien meter hoge stenen vuurtoren.

Tot 1837 was Fort Oranje de residentie van de commandeur. In de loop van de tijd heeft het fort als opslagplaats voor goederen, gevangenis, politiebureau, brandweerkazerne en als museum gediend. Tegenwoordig zijn in Fort Oranje de kantoren van de haven- en reinigingsdienst gevestigd.

Mangazina di Rei

Het Mangazina di Rei te Rincon (het magazijn van de koning/koningspakhuis) is het tweede oudste stenen gebouw van Bonaire en staat in de buurt van Rincon.

Vanuit het Mangazina di Rei werden de overheidsslaven iedere woensdag van voedsel voorzien (dia di rantsun). Daarnaast was het ook de opslagplaats voor de werktuigen die nodig waren op de plantages en in de zoutpannen. Het Mangazina di Rei is tussen 1816 en 1824 gebouwd. In 1971 is het Mangazina di Rei grondig gerestaureerd.

Mangazina di Rei

Museum Mangazina di Rei

Het 'Museum Mangazina di Rei' is in het Mangazina di Rei gevestigd. Hier is de historie te leren over de slaventijd en het leven op het platteland van Bonaire. Zo zijn in het museum traditionele meubels, gereedschappen, huishoudspullen, werkkleding en feestkleding te bewonderen.

Buiten het gebouw, onder aan de heuvel, kom je terecht in een openluchtmuseum met replica’s van de historische huizen van Bonaire. Bovendien is er een botanische tuin aanwezig. Ook worden er bij het Mangazina di Rei tentoonstellingen, muziekworkshops en kooklessen gehouden.

Daarnaast is het Mangazina di Rei ook een leerbedrijf waar studenten kunnen meedraaien bij alle dagelijkse werkzaamheden op het Mangazina di Rei (rondleidingen geven, verzorging van de catering, etcetera), waardoor het voor hen gemakkelijker wordt om uiteindelijk een baan op Bonaire te vinden. De mensen (gidsen en vrijwilligers) die op park werken dragen traditionele Bonairiaanse kleding.

Gezaghebbershuis

In 1837 is het majestueuze twee verdiepingen tellende gezaghebbershuis gebouwd. Het was een voor die tijd groot gebouw met een mooie trappenpartij, royaal bordes, een met rode dakpannen gedekt zadeldak en met aan weerszijden drie dakkapellen. De eerste verdieping van het imposante bouwwerk fungeerde destijds als gouverneurswoning. Op de begaande grond waren de magazijnen gesitueerd en deze deden dienst als opslagruimte.

In 1959 werd het gebouw gesloten omdat het in een dermate slechte staat van onderhoud verkeerde. Na een grondige restauratie werd het gezaghebbershuis in 1973 weer geopend en vormt het nu de behuizing van het eilandbestuur.

Gezaghebbershuis Bonaire

Sint Fransiscus Klooster

In 1856 stichtten de zusters van Roosendaal een school en het Sint Fransiscus Klooster op Bonaire. Ongeveer dertig Bonairiaanse meisjes traden in en werden katholieke zusters.

De Nederlandse zusters zijn uiteindelijk allemaal weer terug gegaan naar Nederland. De Bonairiaanse zusters leven hede ten dage in een eigen gemeenschap op het koraaleiland. Achter het Sint Fransiscus Klooster is nog een fraai kapelletje en een gebouw voor oudere mensen.

Douanekantoor Slagbaai

In het huidige Washington Slagbaai National Park, aan een van de prachtige baaien (Boca Slagbaai), was het vroeger een drukte van jewelste. Op deze plek was namelijk de eerste haven van Bonaire, compleet met vier indrukwekkende monumentale panden. De panden zijn in 2003 grondig gerestaureerd.

Omdat hier vroeger geiten werden geslacht en gezout om vervolgens naar Curaçao verscheept te worden, draagt de locatie de naam 'Slagbaai', een verbastering van het het woord 'Slachtbaai'. In sommige goede jaren werden er meer dan 3.000 geiten naar Curaçao verscheept. Naast het gedroogde vlees werden er ook massaal dierenhuiden naar Curaçao verscheept.

Douanekantoor Slagbaai

Het 'Douanekantoor Slagbaai' is één van de vier gebouwen bij Boca Slagbaai. Het is een okergeel gekleurd gebouw met rode dakpannen.

Op Bonaire zijn geen campings of kampeerterreinen en wild kamperen is niet toegestaan. Maar het is wel mogelijk om te overnachten in de monumentale gebouwen van Boca Slagbaai. Er zijn toiletten en picknicktafels aanwezig maar verder moet je alle campeerspulletjes zelf meenemen.

Als de dagjesmensen eenmaal het park hebben verlaten, heb je het rijk alleen en word je omringd door de natuur en stilte. Dit is uiteraard een unieke ervaring. Voor reserveringen voor dit uitzonderlijke avontuur moet je je richten tot STINAPA Bonaire, de beheerder van het park.

Slachthuis Slagbaai

De geiten werden niet in de openlucht geslacht maar in een speciaal slachthuis. Het 'Slachthuis Slagbaai' is één van de vier gebouwen bij Boca Slagbaai. Het is een okergeel gekleurd gebouw met rode dakpannen.

Opzichtershuis Slagbaai

De opzichter van de activiteiten bezat een eigen onderkomen. Het 'Opzichtershuis Slagbaai' is één van de vier gebouwen bij Boca Slagbaai. Het is een okergeel gekleurd gebouw met rode dakpannen.

Zoutmagazijn Slagbaai

Naast de handel in geslachte geiten werd er ook veel zout verhandeld op Bonaire. Het zout werd tijdelijk opgeslagen in het zoutmagazijn bij de oude haven. Het 'Zoutmagazijn (mangasina) Slagbaai' is één van de vier gebouwen bij Boca Slagbaai. Het is een okergeel gekleurd gebouw met rode dakpannen.

Pasangrahan

Het Pasangrahan is in 1890 gebouwd in opdracht van Cornelis Raven 'Bubuchi' Debrot die het als woonhuis gebruikte. Het okergele vierkant pand wordt ingesloten door een robuust hekwerk. De gele kleur werd gebruikt om het Oranjehuis te ere.

Pasangrahan is een Indonesisch woord en betekent 'gasthuis'. De naam stamt nog uit de tijd dat de Verenigde Oost-Indische Compagnie (VOC) een lucratieve handel dreef tussen Europa en Azië en de Nederlanders veel Indonesische woorden gebruikten.

Na de dood van Debrot in 1921 kwam het in bezit van het gouvernement en deed het jarenlang dienst als pasangranhan, het officiële gastenverblijf van de overheid. Het is daarna nog vaak veranderd van functie en is tegenwoordig in gebruik als vergaderruimte van de eilandraad. Het gebouw is in 1980 grondig gerestaureerd.

Het Pasangrahan

Oude ziekenhuis

Het oude ziekenhuis van Kralendijk werd in 1922 gebouwd en in 1944 grondig gerestaureerd. Het ziekenhuis deed dienst tot 1977. In dat jaar werd het huidige ziekenhuis geopend; Hospitaal San Francisco. Bij het oude ziekenhuis staat een fraai kappeletje waar bezoekers van verschillende religies werden verwelkomt.

Postkantoor

Het eerste postkantoor van Bonaire dateert uit 1890. Het huidige gebouw is sinds 1974 in gebruik en is recent gerestaureerd.

Postkantoor Bonaire

 

Douanekantoor Kralendijk

Het douanekantoor aan de boulevard van Kralendijk dateert uit 1925. Het gebouw is door de jaren heen vaak van functie veranderd. Achtereenvolgens was het een belasting-, douane-, en postkantoor. In 1995 is het pand grondig gerestaureerd en fungeert het heden ten dage weer als douanekantoor. Schippers van de cruiseschepen, zeilenboten en andere vaartuigen die gaan aanleggen in Kralendijk moeten zich hier melden.

Douanekantoor Kralendijk

Plasa Machi Mimi

De Plasa Machi Mimi (vismarktgebouwtje, vismarkt of marktpaviljoentje) is een in de Romeinse stijl opgetrokken gebouwtje uit 1935 aan de waterpromenade in Kralendijk.

Vroeger werd er vis verhandeld in het pittoreske marktgebouw maar tegenwoordig verhandelen Venezolaanse kooplui daar hun handelswaar en zijn er kakelverse groentes en fruit te verkrijgen. Vis in de Plasa Machi Mimi in geen velden of wegen meer te bekennen.

Plasa Machi Mimi Bonaire

Aan het einde van de handelsdag keren de Venezolanen met hun houten boot weer terug naar Venezuela. Dit is overigens geen korte vaartocht. Venezuela ligt namelijk 90 kilometer verderop. Afhankelijk van het weer duurt de tocht ongeveer 12 uur.

Helaas spreken de Venezolanen geen Engels of Nederlands. Als je wat fruit of groente van ze wilt kopen zul je een beetje Spaans moeten brabbelen of met je handen aanwijzingen geven.